Bijtincidenten met honden komen nog regelmatig voor. Vaak gaat het om lichte incidenten, maar soms zijn de gevolgen ook ernstiger. Er waren hiervoor geen gestructureerde beleidsregels. Burgemeester Mikkers heeft daarom beleidsregels opgesteld hoe om te gaan met bijtincidenten door honden. Hiermee hoopt hij dat het voor eigenaren en handhavers duidelijk is welke maatregelen er genomen moeten en kunnen worden.
Een bijtincident is licht als slechts minimaal letsel wordt veroorzaakt. De eigenaar krijgt dan een waarschuwing en aanwijzing om passende maatregelen te nemen. Er is dan sprake van een hinderlijke hond. Mocht er binnen twee jaar nog een bijtincident met dezelfde hond plaatsvinden, dan zal een aanlijngebod en muilkorfverbod worden opgelegd.
Als er een ernstig bijtincident plaatsvindt, dan is er sprake aanzienlijke verwondingen waarvoor medische behandeling nodig is. Dan wordt een hond als gevaarlijk aangemerkt en zal voortaan moeten worden aangelijnd en worden gemuilkorfd. Mocht er dan nogmaals een bijtincident plaatsvinden, dan krijgt de eigenaar de kans om vrijwillig afstand te doen van de hond. Mocht de eigenaar dat niet willen, dan kan er sprake zijn van een onvrijwillige inbeslagname. Er zal met een gedragstest bekeken worden of de hond resocialiseerbaar is. Mocht dat niet zo zijn dan zal de hond door een dierenarts worden laten ingeslapen. De kosten daarvoor zijn voor de eigenaar.
Een bijtincident betreft niet alleen mensen, maar ook andere dieren. Wie zich niet houdt aan een aanlijngebod en muilkorven, kan een geldelijke boete krijgen. Een eigenaar mag altijd op eigen kosten een gedragstest laten uitvoeren om te beoordelen of de maatregel terecht is.